Reeds verschenen


Bedvrienden

Deze sappige, hilarische en opwindende episodes uit het werk van Marjan Berk, waarin het complete erotische spectrum wordt behandeld, vormen tezamen een aangename pocket voor strand, zwembad, trein en vliegtuig, of in bed…

 

 


Boek voor Belle

Ontroerende herinnering aan een jonggestorven moeder

Marjan Berks kleindochter Belle verloor drie jaar geleden haar moeder Roos aan een agressieve vorm van kanker.
Omdat Belle op dat moment nog maar twee jaar oud was zei haar vader tegen Marjan: ‘We moeten opschrijven wie haar moeder was!’ Aan deze wens van haar oudste zoon gaf zij gehoor met Boek voor Belle.

Aan de hand van de getuigenissen van haar nog jonge gezin, haar familie en vrienden ontstaat een portret van de originele en vrolijke vrouw die moeder Roos was. Boek voor Belle is hierdoor meer geworden dan een troostrijk en vrolijk verslag, waarin Belle later haar vroeg verloren moeder terug kan vinden; het is tevens een bron van inspiratie om door het vastleggen van herinneringen een beeld te bewaren van een geliefde.

Een gedeelte van de opbrengst van dit boek komt ten goede aan KWF Kankerbestrijding.


Geestje Zoet

Geesje Zoet is een heel zelfstandig meisje. Ze woont helemaal alleen in een oude bakkerij. Geesjes moeder woont met haar zusjes in de stad; Geesjes vader is chauffeur op een grote vrachtwagen en weinig thuis. Maar Geesje houdt niet van de stad en daarom woont zij in het kleine dorp aan het water. Niemand zegt tegen haar: ‘Naar bed! De hoogste tijd!’ Of: ‘Vergeet niet je tanden te poetsen.’ Geesje regelt het allemaal zelf.

In dit boek zijn de drie avonturen van Geesje Zoet gebundeld tot één prachtig boek. In het eerste verhaal, ‘Geesje Zoet en het snoepspook’, ontdekt Geesje een zielig mager snoepspookje in de oude bakkerij. Samen met kip Jansen leren zij koken: pannenkoeken, kindertaartjes, planetenijs, schuimpjes, omaatjessoep, appeltaart… Doe jij mee?
In het tweede verhaal, ‘Geesje Zoet en de tovertimmerkist’, leert Geesje timmeren. Er moet een hok getimmerd worden voor kip Jansen. Geesje krijgt er ook een nieuwe vriendin bij, Gekke Dora. Waarom denkt iedereen toch dat Dora gek is? Ze is alleen maar anders.

In het derde verhaal, ‘Geesje Zoet en de verdwenen prinses’, mag Geesje met haar vader mee op de vrachtwagen. Onderweg krijgen Geesje en haar vader ruzie, en Geesje belandt alleen in Griekenland. Daar gaat ze samen met haar nieuwe vriendje de schildpad op zoek naar de botjes van een verdwenen prinses. En naar haar gouden schatten!

De verhalen over Geesje Zoet zijn geschikt voor kinderen van negen tot twaalf jaar.

De kinderboeken van Marjan Berk:

  • Berend’s binnenwereld
  • Mevrouw van Soest en het kleine volkje
  • Gijs
  • Geesje Zoet en het snoepspook
  • Geesje Zoet en de tovertimmerkist
  • Geestje Zoet en de verdwenen prinses
  • Tijger in de tuin

Het schreien niet verleerd

Lena Steketee is op haar oude dag vastbesloten te achterhalen waarom opa Steketee, de grootvader die ze slechts in de eerste vijf jaar van haar leven heeft gekend, de romantische voorbeeldman in haar leven is geworden.

Dan gebeurt er iets schokkends, iets dat Lena’s leven een slag van negentig graden doet maken. De onverwachte vondst van zestig handgeschreven brieven van haar jonggestorven moeder uit de periode 1940 –1945 werpt haar terug in de oorlogsjaren. Langzamerhand wordt duidelijk welke rol opa Steketee destijds heeft gespeeld voor Lena, haar moeder Elisabeth en haar broertje Corneel, plus de immer aanwezige onderduikers.


Ik neem toch een hond

Lena Steketee leeft voort, kritisch maar ook optimistisch de voor- en nadelen van het klimmen der jaren inventariserend. Zo wordt ze geconfronteerd met steeds meer oudere vrouwen die op straat bij de pinautomaat, maar ook thuis worden overvallen en beroofd. Lena gedraagt zich alert en ook een beetje angstig, want hoe kun je jezelf beveiligen tegen deze vorm van geweld?
‘Neem een hond!’ roepen de omstanders. Ook de politie suggereert dat een waakse hond de beste beveiliging vormt tegen indringers. En eigenlijk dient het verlangen naar een dier, waar ze haar leven mee kan delen, zich weer aan. Maar de ervaringen met haar laatste hond, die zeventien werd en veel zorg en aandacht vroeg – wat moeilijk te combineren viel met Lena’s ambulante columnistenleven – doen haar voorlopig van de aanschaf afzien.

Naast dit dilemma passeren ook de jongens en mannen uit haar leven de revue. In dit stadium van haar leven komen de relaties in het heldere licht van het moeizaam verworven inzicht te staan. Geen spijt, het hoorde er allemaal bij. Een lang leven met mannen, kinderen, werk en nu haar oude dag, heeft Lena tot ervaringsdeskundige op het broze communicatievlak gemaakt.


Kafka leeft

Een caleidoscopisch overzicht van menselijke rariteiten
Een vrouw, gefascineerd door menselijke billen, een schrijfster die grote groepen laaggeletterden over de drempel van hun onzekerheid helpt, nachtegalen die in koude meinachten concerten vanuit een berkenboom geven, het verstrooien van de as van een vriendin onder het zingen van de liederen van Pippi Langkous, een theoretische rijles die eindigt in heftige erotiek in de donkere bosjes van een plantsoen, en de ontdekking dat Frans Kafka een levende schrijver is: dit alles en meer is te vinden in de bundel Kafka leeft.


Marjan Berk’s oma en opa boek

Naast eigen ervaringen van de schrijfster, die vijf keer grootmoeder is, bevat Marjan Berk’s oma en opa boek verhalen over en van veelsoortige oma’s en opa’s, die aantonen dat het grootouderschap een levenstijdperk is dat hoogstpersoonlijk kan worden ingevuld.

De grootouder is voor het kleinkind vaak een inspirerende persoon, die over de hoofden van de ouders een belangrijke en totaal andere rol kan vervullen. Zelfs als het biologische grootouderschap niet verwezenlijkt wordt, is er voor de oudere mens plaats genoeg in het leven van bjivoorbeeld de buurkinderen of de kleinkinderen van vrienden en kennissen.

Dit boek wijst de weg. Niet alleen naar de varianten binnen het grootouderschap, maar ook naar de dagelijkse praktijk. Over wat er gedaan kan worden met kleine en grotere kinderen, het bereiden van maaltijden die aantrekkelijk zijn voor kinderen en weinig energie van de grootouder vragen, de relatie tot schoondochters en -zonen, het vermijden van de gebruikelijke frustraties tussen generaties, de eerste voorzichtige stappen naar moderne communicatiemiddelen als internet en gsm en uiteraard alle adressen die nuttig kunnen zijn voor een geslaagd uitje, cadeau of activiteit.
In deze nieuwe editie van Marjan Berk’s oma en opa boek wordt onder meer een van de geportretteerde oma’s nog eens opgezocht en vertelt Marjan Berk hoe de traditie van het sinterklaasfeest kan worden voortgezet.


Naar het Zuiden!

De actieve bejaarde Ferdinand wil zich met zijn drie oude meisjes nog een keer jeugdig en onbezonnen gedragen: ze reizen per camper naar het zuiden. Ver zijn ze nog niet gekomen, want het noodlot steekt een spaak in het wiel. Het samenleven van drie vrouwen met een oude man is niet zo eenvoudig als het lijkt. Ook het thuisfront van kinderen en vrienden is bezorgd over deze ongewone situatie. Het stel wordt er bovendien niet jonger op.
Ouderdomskwalen gaan hun tol eisen, de dood spreekt een woordje mee en de droom, een onbekommerd, zorgeloos en vrolijk bestaan te verwerven in het zuiden, lijkt verder weg dan ooit.


Niet meer bang voor spinnen!

Hilarische verhalen over de beslommeringen van alledag.
De zoons bleven bellen. ‘Laat ons alsjeblieft weten als het erger wordt, we komen ogenblikkelijk om de boel droog te zetten!’ Ik keek uit het raam: het water in de Kalenbergergracht stond bijna aan de rand van de houten beschoeiing. Aan de overkant, bij de huizen zonder houten wal, spoelde het over de kant de tuin in en langs de Wetering stonden alle tuinen blank. Mijn rozentuintje leek een zwembad, ook de walnotenboom stond met zijn voet in het water. In de halfhoge kelder stond het vloertje blank, maar `dat is gewoon grondwater’, luidde de mening van de kenners.
Tot zaterdagmiddag had ik de tijd om een beslissing te nemen: Gods water over Gods akker en in mijn achterhuis laten spoelen? Of het zekere voor het onzekere kiezen en maar vast beginnen alle hoeken uit het achterhuis naar een hogere plek te transporteren… Om kwart voor tien belde er nog een zorgzame zoon: ‘Zal ik toch maar komen?’ ‘Neu… ik red het wel!’ riep ik dapper en sleepte dóór met de boeken.


Nooit te oud!

Ter gelegenheid van de 75e verjaardag van Marjan Berk werd op 10 juli 2007 een groot feest in het nieuwe gebouw van de Openbare Bibliotheek Amsterdam georganiseerd, waar een bundeling van haar trilogie Toen de wereld nog jong was, Naar het zuiden! en Te laat voor de lobelia’s onder de titel Nooit te oud! werd gepresenteerd.


Rijk!

Hilarische herinneringen van een kersverse miljonair.
‘Van dat mens koop ik geen boek,’ sprak een voorbijganger op de Amsterdamse Uitmarkt, waar Marjan Berk boeken zat te signeren, ‘die is toch al miljonair.’

Wie de lotto wint, krijgt met onverwachte problemen te maken. Verloren gewaande vrienden duiken op en volslagen onbekenden dragen de meest ingenieuze plannen voor om je zo snel mogelijk weer van je geld af te helpen. In Rijk! vertelt Marjan Berk op hilarische wijze over een leven lang moeizaam omgaan met (gebrek aan) geld. Niets heeft haar, vaker arm dan rijk, belet om van het leven te genieten.

Woensdag 9 juli was Marjan Berk te gast in het programma Netwerk op Nederland 2 om 20.25 uur. Ze leest voor uit Rijk! en spreekt over het winnen van haar 1 miljoen.


Te laat voor lobelia`s

Na het verscheiden van Ferdinand zijn de vriendinnen Patty, Hanna en Abelien in zijn flatje getrokken. Nu breekt er een nieuwe fase in het leven van de drie oude meisjes aan.
Hanna zet zich krachtig in voor de emancipatie van de oudere werkende mens. Deze initiatieven worden haar echter niet in dank afgenomen: haar acties leiden tot vreemde situaties en hilarische misverstanden.
Patty vertoont tekenen van beginnende dementie, hetgeen voor veel verwarring zorgt.
Abelien krijgt een herkansing in de liefde. De leeftijd van de geliefden ligt wel heel ver uit elkaar. Wat te doen? Abelien hanteert de problemen op uiterst persoonlijk wijze.

Te laat voor de lobelia’s is het laatste deel in de trilogie die Marjan Berk schreef over liefde op gevorderde leeftijd. Eerder verschenen Toen de wereld jong was en Naar het zuiden!


Toen de wereld jong was

Hanna (66), gescheiden, filmvertaalster, Abelien (68), weduwe met mooi pensioen, Patty (58), heel jong weduwe geworden, eveneens in goeden doen maar met eigenaardige bijverdiensten, en Toos (35), fluitiste-muzieklerares: al deze vrouwen spelen een rol in het leven van Ferdinand Ruys, echtgenoot van Diesje. Diesje heeft alzheimer, leeft in een verpleeghuis, haar geheugen gaat steeds meer op een gatenkaas lijken. Hoewel Ferdinand zijn vrouw wekelijks trouw blijft bezoeken, wordt zijn oude dag steeds ondraaglijker. Hij bestrijdt de leegte in zijn leven met het plaatsen van vrouwvriendelijke contactadvertenties (waarin hij zich afficheert als weduwnaar), die een veelheid aan nieuwe onbevredigende relaties opleveren.

Alle personages in deze roman proberen meer of minder desolaat de liefde nog eenmaal bij de staart te grijpen.
Maar de naderende horizon, het verlies van fysieke aantrekkelijkheid, het voortdurend opspelende verleden maken
dat de hoop op geluk steeds meer afneemt. Toch storten de heldinnen en held zich met animo in het avontuur van
nieuwe relaties, op zoek naar de herhaling van ooit gekend geluk.


Vertigo

‘Oud is fout!’ bijt de buurvrouw Betsy Damiaan toe. ‘Ik ben nu vierenzeventig. Mijn moeder is honderd geworden.
Daar heb ik geen trek in!’
Betsy, een gepensioneerd onderwijzeres van de basisschool, was tot voor kort nog actief met het bedenken van rekenopgaven voor de Cito-toets. Op haar zeventigste verjaardag wordt ze plots aan de kant geschoven. Na een mislukte poging zich vervolgens als reisleidster van culturele tripjes voor ouderen te manifesteren, wordt ze geveld door vertigo, een hevige duizeligheid. Haar leven verandert drastisch als ze daarna helderziend blijkt te zijn, een eigenschap die meteen van pas komt als in haar kleine dorp een ernstige chantagezaak voor dramatische taferelen zorgt.


Zout

Zwijgend worden ze oud, de generatie Turkse vrouwen die in de jaren zestig en zeventig hun man, die als contractarbeider in het Westen ging werken, achternareisden. Een sprong uit een middeleeuws leven op het platteland waar alleen de jongens naar school mochten, naar een westerse maatschappij die uit het sobere naoorlogse leven omhoogschoot naar grote welvaart.

Marjan Berk bracht vele uren door bij Sebahat, een van deze vrouwen, en hoorde hoe deze intelligente vrouw met haar vier kleine kinderen na vele jaren eenzaamheid haar grote liefde Yürksel naar Nederland volgde en hier eindelijk leerde lezen en schrijven. Alles wordt besproken: geloof, de tocht naar Mekka, gearrangeerde huwelijken, een grootvader die een derde vrouw wil nemen, het leven in een afgelegen dorp met als enig communicatiekanaal de transistorradio van de dorpsdokter.

Door het verhaal van Sebahat vlecht Marjan Berk haar eigen levensverhaal, waarin een aantal opmerkelijke
gelijkenissen met dat van Sebahat te vinden is. Zo wordt Zout het verhaal van twee sterke vrouwen die hun eigen weg vonden in Nederland en een mooie toekomst voor zichzelf en hun kinderen bevochten.